HOOFDWEG
Amsterdam | Verfraaide gevels aan de langste Amsterdamse school straat
Toen rond 1920 de Hoofdweg werd aangelegd, behoorden deze twee blokken tot de eerste bebouwing. De panden maken deel uit van een wijk die gebouwd is in de architectuur van de Amsterdamse School, het oorspronkelijke ontwerp is afkomstig van het bouwtechnisch bureau Duin en van ‘t Eind te Amsterdam.
Typologie
De 60 woningen zijn gestapeld over 4 lagen. De beganegrondwoning heeft een eigen voordeur aan de straat, de drie bovenwoningen liggen aan een gedeelde opgang en delen samen een zolderverdieping met 3 flinke bergingen.
De woningen hebben een gemiddeld vloeroppervlak van 80 m2 en 4 tot 5 kamers. Ongeveer de helft van deze woningen is verbouwd tot 3-kamer woningen. Er is aan alle bewoners de mogelijkheid geboden terug te keren na de renovatie. Ongeveer de helft heeft hier positief op gereageerd en heeft de voorkeur gegeven aan een indeling met het huidige aantal kamers. De rest van de woningen is verkocht (de huurwoningen ook, bij mutatie).
Situatie, bezonning, uitzicht en buitenruimtes
Beide blokken hebben een oost-west oriëntatie. De woonkamers liggen aan de straatzijde, georiënteerd op het westen, de balkons aan de achterzijde op het oosten.
De diepte van het bouwblok is in de hoeken teruggebracht tot ± 7m. Hierdoor ontstaat een soort lichtschacht in de oksel, met daaraan steeds 3 vertrekken en 2 balkons. De woningen op de hoeken hadden balkons die zo diep in de oksel van het bouwblok liggen, dat de bezonning erg slecht is, zelfs van de oksels op het zuidwesten. De hoekwoningen op de begane grond hebben een erg kleine tuin die (net als de balkons) diep in de oksel van het bouwblok ligt. Als plek om buiten te zitten was deze tuin niet bruikbaar.
Om de buitenruimtes te verbeteren hebben we op de zolderverdieping de kap uitgebouwd, waardoor de bovenste woningen maisonnettes zijn geworden, deze woningen krijgen een privé dakterras. De tussenwoningen op de 1e en 2e verdieping kregen een eigen dakterras aan hun berging. De bestaande balkons zijn gehandhaafd en voorzien van nieuwe balustrades. Beide blokken hebben een gemeenschappelijke voortuin, waar nu voornamelijk fietsen worden gestald. Hier is een nieuw ontwerp voor gemaakt met meer groen en een gemetselde erfscheiding met hierop een smeedijzeren hek. De fietsen worden in het openbare gebied gestald. De hoekwoningen met de aller-slechtste buitenruimte krijgen een privéterras in dit gebied.
Programma
Renovatie van 60 portiekwoningen
Opdrachtgever
Woningbouwvereniging Ymere
Ontwerpstatus
Opgeleverd december 2013
Projectteam
Mechiel van den Dolder, Richard van Hout, Andries Laane, Henk Marsman
Bouwkosten
€4.700.000,- excl. BTW
Bouwfysica
Tauw & Climatic Design Consult
Constructie
Brands Konstruktief Adviseur
Aannemer
HSB bouw & Deurwaarder Bouwgroep
Fotograaf
Luuk Kramer & Bart van Hoek

Oorspronkelijke situatie




Architectuur van de gevels
De karakteristieke kenmerken van de Amsterdamse School zijn terug te vinden in de beide blokken, maar de architectonische expressie is erg terughoudend. Veel van de details zijn zo subtiel dat ze op de schaal van het bouwblok nauwelijks zichtbaar zijn.
Ter plaatse van de hoekwoningen aan de Postjeskade is de straathoek geaccentueerd. Door een uitgebouwde zolder ontstaat een hoektoren, die de gevellijn doorbreekt. Het maaiveld loopt iets op richting de brug over de Postjeswetering. De hoekwoningen aan de Postjeskade zijn als resultaat hiervan iets opgetild ten opzichte van de overige woningen.
De rookkanalen van de om-de-hoek-woningen worden geaccentueerd door driehoekig uitgemetselde schoorstenen vanaf de eerste verdieping, die uitlopen tot een schijf over de hele diepte van het dakschild op de zolderverdieping.
De gevels bestaan uit metselwerk in kruisverband, met een plint van verticaal staande stenen. Onder de dakgoot is een 2 steens rollaag met staande stenen opgenomen. De goot met gootklossen was weggewerkt achter kunststofplaten; deze hebben we verwijderd en de goot is weer in de oorspronkelijke stijl hersteld.
De van oorsprong houten schuiframen zijn in de jaren ‘80 vervangen door kunststof kozijnen. Bij de renovatie zijn de houten kozijnen weer teruggebracht met een oorspronkelijk uiterlijk, een zwaar middenkalf een diep gelegen draai-kiepraam onder en vast glas boven, voorzien van roedes.

Voorzijde van de twee bouwblokken

Achterzijde van de twee bouwblokken
Vanwege de toegenomen verkeersdrukte zijn de kunststof kozijnen voorzien van, aan de buitenzijde geplaatste, suskasten. De nieuwe suskasten worden opgenomen in de voorzetwand, achter open stootvoegen in het metselwerk, zodat deze niet meer zichtbaar zijn in het gevelbeeld.
De entrees zijn voorzien van een houten luifel en nieuwe metselwerk muurtjes met daarin opgenomen de postkasten. Alle voordeuren kregen een verticaal accent in de vorm van een houten spijl.
De erkers ter plaatse van de woonkamers zijn nu voorzien van twee kleine ramen met een metselwerk penant ertussen, deze wordt uitgebroken en de beide ramen worden samengevoegd tot één groot erkerraam met als accent, dezelfde houten spijl als de voordeur.
Bouwkundig
De woningen zijn aan de binnenzijde thermisch en akoestisch geïsoleerd. Ook de akoestische problemen rondom het inpandige trappenhuis zijn sterk verbeterd.
Er is in iedere woning een nieuwe CV en CO2 gestuurde MV-installatie geplaatst en ze kregen een compleet nieuw inbouwpakket, met een nieuwe keuken, badkamer en toilet.

